Uit de schatkamer
Van handschrift naar druk: een Utrechtse convoluut uitgelicht

Van de bibliotheek van het kartuizerklooster Nieuwlicht zijn rond de 150 handschriften en 70 banden met gedrukte werken bewaard gebleven in de collectie van de Universiteitsbibliotheek Utrecht. Veelal sobere werken, maar ook die kunnen interessant zijn. Eén daarvan is Hs. 297, een convoluut waarvan het eerste deel diende als legger voor de eerste gedrukte uitgave ter wereld van die tekst door de Utrechtse drukkers Ketelaer en De Leempt in 1473. Het geeft een unieke inkijk in de werkwijze van de eerste drukkers in de Noordelijke Nederlanden die er echt toe deden.

Nieuw gedigitaliseerd
Van handschrift naar druk: een Utrechtse incunabel uitgelicht

Nadat Johannes Gutenberg rond 1450 in Mainz het drukken van teksten met losse gegoten letters vervolmaakte, sloeg deze vorm van tekstreproductie snel over naar andere Europese steden. In de Noordelijke Nederlanden was het Utrecht dat aan de wieg stond van de publicatie van zogeheten incunabelen. In de Domstad verscheen bij de Utrechtse boekdrukkers en -uitgevers Nicolaes Ketelaer en Gerard de Leempt in 1473 de eerste gedateerde incunabel: de 'Historia scholastica' van Petrus Comestor (ca. 1100-1179). Ook het hier gepresenteerde werk 'De divinis moribus [&] De beatitudine' kwam omstreeks die tijd bij hun van de pers. Beide publicaties getuigen van de bijzondere drukkersgeschiedenis van Utrecht, waaraan de Universiteitsbibliotheek een digitale tentoonstelling van Utrechtse incunabelen en een geografische interface heeft gewijd.