Een kaart voor het beroven van een zilvervloot!

De hier afgebeelde kaart van het zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan vormde een instructie voor het zo efficiënt mogelijk beroven van een zilvervloot. De kaart is een eigentijdse kopie van een verloren gegaan origineel, dat in opdracht van gouverneur-generaal Antonio van Diemen in september 1644 is gemaakt. Door middel van een soort ‘laveerroute’ iets boven het midden van de kaart wordt de beste vaarweg getoond naar het gebied ten oosten van de Filippijnen, waar de Spaanse zilverschepen – onderweg van Acapulco in Mexico naar Manilla – overvallen en beroofd zouden kunnen worden. 

Jacht op het Spaanse zilver

De zilvervloot was in de 16de en 17de eeuw een jaarlijks konvooi van Spaanse schepen, waarin kostbaarheden van de Spaanse koloniën in Amerika werden verscheept naar het thuisland. In Nederland is de zilvervloot natuurlijk vooral bekend door de verovering van een zilvervloot door Piet Hein in 1628. Het kapen van zo'n zilvervloot bleek voor de Nederlanders een lucratieve bezigheid: een deel van de oorlog tegen Spanje kon ermee gefinancierd worden.

De meeste routes van de Spaanse zilverschepen kwamen samen nabij Havana, Cuba. Daarna ging de route naar Europa. Een minder frequente route was die van Mexico naar de Filippijnen. Niettemin maakten de Nederlanders ook daar jacht op het Spaanse zilver.

Instructies

De precieze instructies staan in het tekstgedeelte in het midden van de kaart:

‘Een grondigh onderwijs hoemen alder bequaemst sal cruijssen op het silverschip comende uijt Nova Hispania naer d’Manilha, onse schepen dese voijagie aennemende van hier over Tarnaten, ende uijt Tarnaten de reijse aenvangend in Februarij om met de N:W:Mousson langs de cust van Gilola door de straet Patientie, langs de Cust van Wedde naer de hoeck van Maba door Abel Tasmans passagie langhs de Cust van Nova Guinea, tot dat 50: a 60: mijlen bij oosten d’Eijlanden van de Ladronis ende alsdan sijn Cours N: aen doen tot de hooghte van 14: a 15 graeden doende dan d’Coers west aen, naer de voorgenoemde Eijlanden, ende voorts volgens dese gestijpelde passagie, dese passagie soude mede seer dienstig sijn om vroegh om de Noord tecomen, door de vriese straet ende voorts naer Tartarien’.  

En linksmidden staan nog aanvullende instructies:

‘Dese schepen die alhier gaan cruijssen dienden d’Eijlanden vande Philippinas niet naerder te comen als 50: a 60: mijlen, dat door oorsaeck wanneer het silver schip int gesicht creegen datmen het selve d’wal can affsnijden, onder de wal sijnde can sulcx niet wel geschieden, dat door Oorsaeck, dat tegens d’wal can aenloopen, ende het silver can dan wel geberght worden gelijck voor desen wel is gebleecken bij St. Michael ende de Swaen’.

Beste tijd voor kaping

Getuige de instructies was de beste tijd om een zilverschip te onderscheppen in de beginmaanden van het jaar tijdens de noordwestelijke moesson. Een Nederlandse kaper diende dan vanuit de noordelijke Molukken langs de noordkust van Nieuw-Guinea te varen tot circa 145 graden oosterlengte. Vervolgens moest hij koerszetten naar de Marianen (‘Ladronis’) en daar uiteindelijk in westelijke richting kruisen op minimaal 50 tot 60 zeemijlen buiten de oostkust van de Filippijnen.

Bronmateriaal uit eerste hand

De tekenaar van deze opvallende manuscriptkaart is helaas anoniem gebleven, maar zijn werkplaats bevond zich in Batavia. Als bronmateriaal gebruikte hij voor de noordkust van Nieuw-Guinea de gegevens, die François Visscher in april en mei 1643 had opgetekend tijdens het laatste deel van de eerste reis van de beroemde Abel Jansz. Tasman (1603-1659). Het is heel waarschijnlijk dat Visscher bij de vervaardiging van de kaart betrokken is geweest, mogelijk samen met Isaac Gilsemans, die beide reizen van Tasman meemaakte.

'Tasmankaart' niet door Tasman getekend

Onderaan het tekstgedeelte in het midden van de kaart staat ‘actum Batavia a dij 8:e September A°: 1644, was onderteijckent Abel Tasman’. Het is dus Tasman zelf geweest die op 8 september 1644 de kaart signeerde en er de goedkeuring aan gaf. De kaart staat daarom internationaal bekend als de ‘Tasmankaart’, maar Tasman was met zekerheid niet de tekenaar.

Vergeefse pogingen

Nog in hetzelfde jaar, in november 1644 (volgens de instructies dus niet de beste tijd!), probeerden Maerten Gerritsz. de Vries en François Visscher met een klein eskader vanuit Batavia via de voorgeschreven route een Spaans zilverschip te onderscheppen. Aan boord volgden zij getrouw de aanwijzingen op deze kaart of een kopie ervan, maar de onderneming faalde jammerlijk. Ook tijdens een vergelijkbare expeditie in 1648 onder leiding van Tasman zelf kwam het niet tot een treffen met de Spaanse vijand...

Verder lezen

1644
Kaart
MvE, 2011
Paskaart van het zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan, anoniem, 1644
Paskaart zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan, anoniem, 1644 (detail)
Paskaart zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan, anoniem, 1644 (detail)
Paskaart zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan, anoniem, 1644 (detail)

Een grondigh onderwijs hoemen alder bequaemst sal cruijssen op het silverschip comende uijt Nova Hispania naer d’Manilha... [= Kaart van het zuidwestelijke deel van de Stille Oceaan en de aanliggende kusten] (Kaart: Moll 627); Anoniem, 1644